Anthropic heeft zijn eigen organisatie onderzocht om te zien wat intensief AI-gebruik met werk, productiviteit en aanwerving doet. De resultaten zijn opvallend: tegen augustus draaiden door medewerkers aangestuurde AI-agents zes keer zoveel uren als hun menselijke gebruikers. Tegelijk daalde het aandeel junior technische aanwervingen van 27 naar 9 procent. De grote bottleneck verschuift daardoor naar menselijke aandacht: agents produceren sneller werk dan medewerkers het kunnen controleren, beoordelen en bijsturen.
Voor de voorbereidingen van de inhoud en creatie van de visuals wordt (uiteraard) gebruikgemaakt van generatieve AI.
Sterk AI-geïntegreerde organisaties kunnen er later ook zo uitzien
Anthropic bevindt zich in een uitzonderlijke positie om de impact van AI op werk te meten. Het bedrijf bouwt Claude én gebruikt zijn eigen modellen intensief binnen softwareontwikkeling, verkoop, juridische teams, finance en andere afdelingen.
In het op 16 oktober gepubliceerde onderzoek How employment is changing at Anthropic analyseert het bedrijf interne personeelsgegevens, agentgebruik, productiviteitscijfers, agenda’s, enquêtes en interviews met medewerkers. De onderzoekers beschouwen Anthropic als een mogelijke voorloper van hoe sterk AI-geïntegreerde organisaties er later kunnen uitzien, maar benadrukken tegelijk dat één AI-lab niet representatief is voor de volledige arbeidsmarkt.
Junior technische aanwervingen dalen fors
De duidelijkste verandering zit bij starters.
Begin 2025 bestond nog 27 procent van de technische aanwervingen uit junior profielen. Inmiddels is dat nog 9 procent. Het aandeel juniors binnen de bestaande technische teams daalde in dezelfde periode van 21 naar 14 procent.
Dat betekent niet dat Anthropic helemaal geen technische mensen meer aanwerft. Het bedrijf groeit snel en blijft in absolute aantallen technische medewerkers toevoegen. Maar de mix verandert.
Volgens de studie zei ongeveer een derde van de managers in machine learning en een vijfde van de software-engineeringmanagers dat AI ertoe heeft geleid dat zij minder mensen aannemen. Tegelijk hechten recruiters meer belang aan autonomie en beoordelingsvermogen dan aan uitsluitend technische uitvoering.
Zes agenturen tegenover één menselijk werkuur
Nog opvallender is hoeveel werk inmiddels door agents wordt uitgevoerd.
In maart 2026 overschreed de totale hoeveelheid agentwerk voor het eerst de menselijke werktijd. Tegen augustus draaiden de interactieve agents die medewerkers zelf aansturen ongeveer zes uur voor ieder verondersteld menselijk werkuur.
Daarbij is nuance belangrijk. Anthropic meet hier agent-runtime - inference en actief toolgebruik - en vergelijkt die met een veronderstelde werkweek van 40 uur per medewerker. Zes agenturen zijn dus niet automatisch gelijk aan zes uur menselijke arbeid.
Toch is het schaalverschil indrukwekkend.
Engineers produceren vijf keer meer code
De hoeveelheid codecommits per engineer ligt volgens Anthropic inmiddels ongeveer vijf keer hoger dan zes maanden eerder.
De onderzoekers vergeleken ook code die rechtstreeks door medewerkers was geschreven met code van hun codingagents. Op de gebruikte kwaliteitsmaatstaven, waaronder verwijderde regels en volledige rollbacks, vonden ze geen hogere verwijderings- of revertpercentages voor agentcode.
Ook buiten engineering zag Anthropic hogere output. Salesmedewerkers sloten meer deals, juridische teams verwerkten meer contracten en finance verwerkte meer facturen.
Dat bewijst nog niet dat AI de volledige stijging veroorzaakt. Anthropic groeide tegelijkertijd zeer snel, en medewerkers die agents omarmen kunnen sowieso verschillen van collega’s die dat niet doen. Het onderzoek vermeldt die beperkingen expliciet.
De mens wordt de bottleneck
Ironisch genoeg creëert die snelheid een nieuw probleem.
Bij interactieve sessies zit Claude ongeveer 80 procent van de totale sessietijd te wachten op menselijke input. Medewerkers moeten resultaten lezen, beslissingen nemen, agenten opnieuw sturen en beoordelen welke problemen belangrijk zijn.
Het aandeel werk dat draait om het managen van agents steeg daardoor sterk. Medewerkers schrijven instructies, bouwen monitoringdashboards en laten agents elkaars output controleren. Ook de vergadertijd nam toe: de mediane werknemer zit 20 procent langer in meetings dan een jaar geleden.
Werk verdwijnt niet alleen, het verschuift ook
Anthropic ziet tegelijkertijd meer interne mobiliteit. Werknemers die minstens een jaar in dienst zijn, wisselden in 2026 maandelijks 50 procent vaker van afdeling dan in 2025. Sommige teams verhuisden naar nieuwe taken nadat agents een deel van hun oorspronkelijke werk hadden overgenomen.
Daarom bouwt het bedrijf nu een vroegtijdig waarschuwingssysteem dat per functie kijkt naar AI-capaciteiten, productiviteit en mogelijke verstoring. Het doel is medewerkers eerder naar minder kwetsbare rollen te kunnen verplaatsen.
De belangrijkste uitkomst van het onderzoek is daarmee breder dan “AI schrijft meer code”. Bij Anthropic verandert de menselijke rol zichtbaar van uitvoerder naar coördinator, beoordelaar en manager van digitale agents.
En precies daar verschijnt een nieuwe uitdaging: wanneer AI sneller kan produceren dan mensen kunnen beoordelen, wordt niet rekenkracht maar menselijke aandacht, oordeel en verantwoordelijkheid de schaarse bedrijfsresource.

