Wereldwijde AI-expertise krijgt VN-kader, maar VS verzetten zich tegen nieuw wetenschappelijk panel
De Algemene Vergadering van de Verenigde Naties heeft ingestemd met de oprichting van een internationaal wetenschappelijk AI-panel. Het orgaan moet wereldwijd richting geven aan kennis over de risico’s en impact van kunstmatige intelligentie. De Verenigde Staten stemden tegen en plaatsen vraagtekens bij de rol van de VN in AI-governance.
De Verenigde Naties hebben een nieuwe stap gezet in het internationale debat rond kunstmatige intelligentie. Met 117 stemmen voor, twee tegen en twee onthoudingen keurde de Algemene Vergadering de oprichting goed van een 40-koppig wetenschappelijk panel dat zich buigt over de mondiale gevolgen van AI.
Tegen stemden de Verenigde Staten en Paraguay. Oekraïne en Tunesië kozen voor een onthouding.
Wetenschappelijke ruggengraat voor AI-beleid
Het nieuwe orgaan, het Independent International Scientific Panel on Artificial Intelligence, werd geïnitieerd door VN-secretaris-generaal Antonio Guterres. Volgens hem vormt de goedkeuring een fundamentele stap naar een gedeeld, wereldwijd begrip van AI en haar impact.
Het panel krijgt een mandaat van drie jaar en moet onafhankelijke, wetenschappelijk onderbouwde analyses leveren. Daarbij kijkt het niet alleen naar technologische ontwikkelingen, maar ook naar economische verschuivingen, arbeidsmarkteffecten, ethische vraagstukken en maatschappelijke risico’s. Het is nadrukkelijk niet de bedoeling dat het orgaan zelf regelgeving opstelt; het moet dienen als kennisbasis voor overheden en internationale instellingen.
De selectie van de veertig experts gebeurde uit meer dan 2.600 kandidaten. Organisaties zoals de International Telecommunication Union en UNESCO waren betrokken bij de beoordelingsprocedure. De samenstelling is multidisciplinair: naast AI-onderzoekers zetelen ook specialisten uit sociale wetenschappen en media in het panel. Onder hen bevindt zich onder meer Nobelprijswinnaar Maria Ressa, bekend om haar onderzoek naar desinformatie en digitale machtsstructuren.
Washington zet vraagtekens
De Verenigde Staten spraken zich expliciet uit tegen het initiatief. Volgens de Amerikaanse VN-delegatie dreigt het panel het institutionele mandaat van de VN te overschrijden. AI-governance zou volgens Washington geen aangelegenheid moeten zijn die centraal vanuit een VN-orgaan wordt aangestuurd.
Daarnaast uitte de VS kritiek op de transparantie van de selectieprocedure en waarschuwde het voor mogelijke politisering. De Amerikaanse visie legt de nadruk op samenwerking tussen gelijkgezinde landen die innovatie, economische groei en democratische waarden centraal stellen, eerder dan op een breed multilateraal kader.
Die tegenstem weerspiegelt bredere geopolitieke spanningen rond AI. Terwijl sommige regio’s inzetten op strikte regulering en internationale afstemming, beschouwen andere grootmachten AI vooral als strategische technologie in een mondiale concurrentiestrijd.
Politieke onderstromen
De stemming maakte ook duidelijk hoe geopolitieke conflicten doorwerken in technologische dossiers. Oekraïne onthield zich vanwege de opname van een Russische expert in het panel. Tunesië motiveerde zijn onthouding niet uitgebreid.
Toch wijst de ruime meerderheid op een groeiende internationale consensus: AI is een grensoverschrijdend fenomeen dat om collectieve reflectie vraagt. Landen uit uiteenlopende regio’s schaarden zich achter het voorstel, wat suggereert dat de behoefte aan een gedeeld wetenschappelijk referentiekader breed leeft.
Begin van een nieuwe fase
Met dit panel claimt de VN een duidelijkere rol in het mondiale AI-ecosysteem. Het initiatief markeert een verschuiving van losse nationale initiatieven naar een poging tot gestructureerde, multilaterale kennisopbouw.
Of het panel daadwerkelijk zal uitgroeien tot hét referentiepunt voor mondiale AI-analyse, hangt af van zijn onafhankelijkheid, wetenschappelijke kwaliteit en politieke draagvlak. Wat alvast duidelijk is: de institutionalisering van AI-expertise binnen de VN luidt een nieuwe fase in, waarin technologie, geopolitiek en governance steeds nauwer met elkaar verweven raken.

